Archive for december, 2009|Monthly archive page

Belgische fossiel: Yves Leterme

Naar aanleiding van de Europese Top vorige week liet Yves Leterme zich ontvallen dat de industrie en landbouw al veel gedaan hebben voor het klimaat. Naar aanleiding van de discussie over klimaatfinanciering voor het te bereiken akkoord in Kopenhagen zei Leterme: de burger zal Kopenhagen moeten betalen. Qua desinformatie, maar vooral demagogie kan dit tellen. Twee weken geleden zei Yves Leterme in het parlement ook al dat hij naar Kopenhagen zou gaan om ambitieus te zijn, maar niet om de bedrijven te pesten. Yves Leterme zou moeten leren om klimaatbeleid vanuit een andere hoek te bekijken: die van de opportuniteiten zowel voor burgers als bedrijven, van baten die de kosten ruimschoots overstijgen.

Over de burgers die Kopenhagen zouden moeten betalen. De Europese Commissie heeft berekend dat in 2020 wereldwijd 100 miljard nodig is per jaar voor klimaatsteun voor de landen in het Zuiden. De NGO’s stellen voor dat de EU hier zelf 35 miljard van betaalt. Dat bedrag moet verdeeld worden over de verschillende lidstaten. In oktober al vroeg ik Paul Magnette, de klimaatminister, wat het Belgische standpunt was over klimaatfinanciering. Magnette zei dat het Federaal Planbureau gevraagd werd om te berekenen wat deze bedragen betekenen voor België. Die kwamen tot de conclusie dat de jaarlijkse bijdrage van België zou variëren van  van bijna 200 miljoen euro tot bijna 1 miljard euro. Nog volgens het Planbureau komen die bedragen overeen met grosso modo 0,1% van het Belgisch BBP. Het zal over deze bedragen zijn dat Yves Leterme beweert dat de burger dat moet betalen. Maar wat Yves Leterme verzwijgt is dat België vanaf 2013 extra inkomsten heeft uit het klimaatbeleid, met name uit het veilen van de emissierechten. Het Planbureau heeft daarover berekend dat het gaat om 10 tot 28% van de verwachte opbrengst van het veilen van emissierechten. Met andere woorden: de bedragen zijn erg beperkt in vergelijking met onze welvaart en liggen een pak onder de 0,7% voor ontwikkelingssamenwerking. Ten tweede kunnen de bedragen betaald worden uit de opbrengst van het veilen van emissierechten. Klimaatfinanciering zet de burger dus niet op zwart zaad.

Over de bedrijven. Niemand ontkent dat de industrie een en ander verwezenlijkt heeft voor het klimaat. Dat had alles te maken omdat de Europese Unie een instrument uitgewerkt heeft om de broeikasgassen van de industrie te verminderen, met name het systeem van de verhandelbare emissierechten, de zogenaamde ETS. Het systeem werd in de hele Europese Unie ingevoerd, en had te maken met heel wat kinderziektes. De nationale lidstaten, ook België, en vooral Vlaanderen, kenden veel te veel gratis emissierechten toe. Door de overallocatie stortte de CO2-prijs in elkaar. En en ander werd opgelost in de 2de fase van het systeem. Vanaf 2013 wordt het systeem echter grondig hervormd: alle rechten worden niet meer nationaal, maar Europees toegewezen. Dit wil zeggen dat Vlaanderen (want industrie is een gewestelijke bevoegdheid), niets meer te zeggen heeft over de broeikasgasuitstoot van de grote bedrijven. De rechten worden voor een stuk (helaas niet helemaal) geveild. Die veilingopbrengsten vloeien terug naar de lidstaten. Zo heeft België dus extra inkomsten. Waar Yves Leterme & CD&V altijd zedig over zwijgen is wat voor een gigantisch cadeau het eengemaakte Europese systeem zal betekenen. De Vlaamse industrie heeft erg geïnvesteerd in energie-efficiëntie, en die efficiënte installaties worden nu op gelijke voet behandeld met inefficiënte installaties elders in Europa. Zo is de Gentse vestiging van Arcelor Mittal het meest energie-efficiënt voor het maken van 1 staalrol in vergelijking met alle andere Arcelor Mittal vestigingen (als ze optimaal kunnen draaien). Gedane investeringen leveren op, in centen en in procenten. En ook al hebben een pak bedrijven misschien gezucht op het klimaat- en milieubeleid, ik denk dat er geen enkel te vinden is dat het zich nu beklaagt. Beleidsmakers hebben hier een gigantische verantwoordelijkheid. Voor een goed investeringsklimaat is het nodig duidelijk te zijn op korte, middellange en lange termijn. Ambitieuze klimaatdoelstellingen kunnen bedrijven aanzetten om net dat tikkeltje meer te doen. Yves Leterme wil geen bedrijfjes pesten. Waarop wacht hij dan om duidelijk te zijn dat de verwachte inkomsten uit de veilingopbrengsten gebruikt zullen worden voor klimaatbeleid? Bijvoorbeeld voor de installatie van een “green bank” zoals Thomas Leysen voorstelt, waar bedrijven subsidies kunnen ontvangen voor die investeringen die een langere terugverdientijd hebben?

Ik denk dat het te laat is om onze tijd te verdoen met zinloos gebakkelei over de lasten van het klimaatbeleid. Hoe je het ook draait of keert, klimaatbeleid is er, en zal alleen maar toenemen. Niemand wil een klimaatbeleid voeren op een economisch of sociaal kerkhof. Het is dan ook flauw en laf van dit telkens te insinueren. Intelligente maatregelen, op maat, voor alle sectoren, kunnen net een relance betekenen waarvan de opbrengsten de kosten ruim overstijgen. Zoals onze industrie vandaag al ondervindt. Maar blijkbaar moeten er eerst nog wat Vlaamse boeren uit de klei getrokken worden.

Fossil of the day: 1

Tijdens de klimaatonderhandelingen reiken de NGO’s dagelijks de “fossil of the day” uit, de prijs voor de landen die het meest de onderhandelingen boycotten. De prijsuitreiking is meestal zo rond 18u met een kleine show, en er is altijd veel volk. Op een hele conferentie sleept Saoudi Arabië meestal de meeste awards in de wacht, en zo halverwege kom je wel eens de Saoudi’s tegen die trots poseren aan de fossil of the day stand. Zo blijft het Saoudis thuisfront ten minste op de hoogte dat hun business goed verdedigd wordt.

De eerste fossils in Kopenhagen waren voor de geïndustrialiseerde landen omdat ze met te weinig ambitie naar Kopenhagen afgezakt zijn.  De tweede plaats was gedeeld voor Zweden, Finland en Oostenrijk voor hun standpunten rond LULUCF. De derde plaats tenslotte was voor Canada omdat hun milieuminister zei dat Canada zich niet zou laten inpakken door de Kopenhagen hype.

LULUCF staat voor land use, land use change and forestry. LULUCF en ook de maatregelen voor ontbossing (REDD) zijn zeker een van de dozen van pandora in het klimaatakkoord. Het gaat over de broeikasgassen die vrijkomen bij ontbossing (bijvoorbeeld om landbouwgrond te maken), maar ook over het compenseren van broeikasgasuitstoot door bomen aan te planten. Wat essentieel is in dit verhaal is hoe je die emissies kan tellen, monitoren en verifiëren. In oktober was ik op een conferentie over ontbossing in Stockholm en daar vertelde een Canadese professor (die ook onderhandelt voor Panama over ontbossing) dat er een statistische foutenmarge is van 103% bij het verifiëren van vermeden emissies door het vermijden van ontbossing. Als je 50% emissies vermijdt, kan je dit statistisch niet bewijzen. Die modellen zijn belangrijk omdat je op basis van die modellen dan eventueel credits kan krijgen, die eventueel zouden kunnen verhandeld worden. Zweden, Finland en Oostenrijk zijn nu blijkbaar 3 landen die nogal dubieuze standpunten innemen met betrekking tot het in rekening brengen van emissies te wijten aan LULUCF.  Ze vinden dat niet alle emissies moeten geteld worden. Alle teksten met betrekking tot LULUCF, maar ook REDD (ontbossing), zijn teksten met nog oneindig veel haakjes.

Kopenhagen buzzz

Het is koud, koud, koud in Kopenhagen

Kopenhagen volgen vanuit de zetel

Twee jaar geleden was ik aanwezig op de 13de klimaatconferentie in Bali. Ik zou het voor geen geld gemist willen hebben. Dit jaar zal ik er niet bij zijn in Kopenhagen. Spijtig? Zeker wel, je mist de sfeer, de stress, de chemie van internationale onderhandelingen, het gezelschap van de heel erg ervaren Belgische onderhandelaars, …

Inhoudelijk kan je de onderhandelingen wel op de voet volgen vanaf je computer. Een klein overzicht.

  • De NGO’s brengen dagelijks een nieuwsbrief uit, ECO, die verslag geeft van de onderhandelingen van de vorige dag. Je kan die op papier krijgen bij de ingang van het congrescentrum, maar je kan hem ook lezen op de website van Climate Action Network International, of je er digitaal op abonneren. Dan krijg je het mooi overzichtelijk in je mailbox, twitter & facebook ready. Eco is de absolute nummer 1 must-read.
  • Gelijkaardig is er de dagelijkse briefing Earth Negotiations Bulletin van IISD, International Institute for Sustainable Development. Deze briefing is veel technischer dan ECO, en absoluut leesonvriendelijk afgedrukt. Deze briefing staat vol van de afkortingen en jargon. Voor de die hards dus :-).
  • Voor degenen onder jullie met een iPhone, het secretariaat van UNFCCC (United Nations Framwork Convention on Climate Change)  heeft een iPhone applicatie uitgebracht, COP 15 navigator, of je nu daar bent of hier, het lijkt mij een super tool: je kan alles volgen: het laatste nieuws, de laatste documenten, facebook & twitter ready, foto’s, video’s, … Daarnaast heeft UNFCCC ook een eigen, erg overzichtelijke nieuwsbrief.
  • De Engelse krant The Guardian is veruit de beste om het klimaatnieuws op de voet te volgen, zij hebben een speciale Kopenhagenpagina: bookmarken!
  • Op de Kopenhagengpagina van Groen! kan je de blogs volgen van Hermes Sanctorum & Bart Staes die wel ter plaatse zijn.  Mij hebben ze er (voorlopig) af gesmeten omdat ik dus niet live, maar vanuit België de onderhandelingen volg. Ook Jong Groen! heeft een super site: water aan de lippen.
  • Er zijn ook een pak uitstekende twitters om te volgen, een klein overzichtje:

http://twitter.com/UN_ClimateTalks
http://twitter.com/tcktcktck
http://twitter.com/eco_digital
http://twitter.com/adoptnegotiator
http://twitter.com/greens_climate
http://twitter.com/350
http://twitter.com/cop15
http://twitter.com/#/list/TinneVdS/climate (mijn verzamellijstje klimaatfeeds)

Kopenhagen: vooraf

Maandag begint in Kopenhagen de 15de klimaatconferentie.  2 jaar geleden werd in Bali een stappenplan en onderhandelingmandaat overeengekomen om in december 2009 te komen tot een nieuw internationaal klimaatakkoord voor de periode na 2012.  In 2012 loopt het Kyotoprotocol immers af. Onder het Kyotoprotocol kregen de industrielanden bindende reductiedoelstellingen opgelegd. De landen die Kyoto ondertekenden moeten hun emissies verlagen in vergelijking met hun emissieniveau van 1990. Niet alle landen vallen onder het Kyotoprotocol.  Enkel de industrielanden kregen bindende verplichtingen, en niet alle industrielanden ratificeerden uiteindelijk het Kyotoprotocol, Amerika is daarvan het bekendste voorbeeld.  Sommige landen deden dat maar op het nippertje, zoals Australië die net voor de 13de klimaatconferentie in Bali begon het Kyotoprotocol ratificeerde.

De klimaatconferentie in Bali was een moeilijke conferentie, die met een dag verlengd werd. Ik was er toen bij, en die allerlaatste dag voelde echt als een super overwinning. Na Bali volgde er twee jaar onderhandelen, helaas zonder weinig resultaat. Vandaag in Kopenhagen liggen alle puzzelstukken weliswaar op tafel, maar is het vandaag moeilijk te zeggen wat de uitkomst zal zijn.

In de onderhandelingsteksten staat nog veel tussen haakjes, zeker de teksten over ontbossing, en LULUCF: land use, land use change & forestry. Maar algemeen kan je stellen dat er twee grote punten zijn waar de onderhandelingen de voorbije maanden echt op vastliepen, en die de komende twee weken ontmijnd moeten worden.

Het eerste punt gaat over de emissiereductiedoelstellingen.  Hoeveel broeikasgassen verminderen tegen wanneer en in vergelijking met welk basisjaar? Dit was het heikele punt op de laatste dag in Bali. De industrielanden wilden zich maar zelf engageren tot bindende doelstellingen als de ontwikkelingslanden ook beleid zouden voeren om broeikasgassen te vermijden. Hoeveel dat dan moest zijn, mocht vooral niet letterlijk gezegd worden.  Uiteindelijk werd in de Bali tekst in een voetnoot verwezen naar de cijfers uit het 4de rapport van het IPCC.  Industrielanden moeten als groep tegen 2020 hun emissies verminderen met 25-40%, ontwikkelingslanden moeten 15-30% afwijken van het business-as-usual-scenario.  Deze cijfers zullen nog voor heel wat discussie zorgen in Kopenhagen.

Het tweede, nog meer heikele punt, gaat over de financiering van het klimaatakkoord, en de steun die de industrielanden in Bali toegezegd hebben aan de ontwikkelingslanden. De ontwikkelingslanden hebben financiële steun nodig voor maatregelen om broeikasgassen te verminderen of te vermijden, voor maatregelen om zich aan te passen aan de gevolgen van klimaatverandering, en voor maatregelen om ontbossing tegen te gaan. Die steun werd door Europa begroot op 100 miljard euro per jaar in 2020.  De Wereldbank daarentegen begroot de middelen die alleen nodig zijn voor adaptatie op 100 miljard dollar per jaar in 2020. En dan is er nog het geld nodig voor de zogenaamde fast-start-financing: geld dat nu onmiddellijk vrijgemaakt moet worden voor dringende klimaatacties in het Zuiden. Hoeveel geld, van waar het moet komen, hoe het beheerd gaat worden is wellicht de dealmaker of dealbreaker straks in Kopenhagen.

Ik waag mij niet aan speculatie. Alle puzzelstukken liggen op tafel, we zullen zien welke puzzel er mee gelegd wordt. In Bali, maar ook op andere klimaatconferenties verliepen de onderhandelingen moeilijk tot zeer moeilijk, maar werd uiteindelijk altijd resultaat bereikt. Geen reden dus om vandaag al te wanhopen. Integendeel.